Boekenbeurt

Wil je een boekbespreking doen? Of je het nou superleuk vindt, of juist eng en spannend: met deze 9 supertips kan het niet misgaan!

Tip 1: Kies een boek dat je leuk vindt

Als je een saai boek kiest, wordt je boekbespreking vanzelf ook saai. Kies dus een grappig, spannend, gek, ongelooflijk, fantastisch geweldig, supergaaf, megacool, knettervet boek uit. Bijvoorbeeld een boek van ons 😊 Maar je kunt ook een ander boek kiezen. Maakt niet uit. Als het maar een leuk boek is.

Tip 2: Lees het boek

Je moet het boek natuurlijk wel goed lezen. Stel er gebeurt iets geks, dan moet je dat weten. Lees dus het hele boek. Als je een leuk boek gekozen hebt, is dat niet zo moeilijk.

Tip 3: Verzamel informatie voor je boekbespreking

  • Wie zijn de schrijver en illustrator van het boek?
    Over sommige schrijvers is veel informatie te vinden. Je kunt kijken op hun eigen website of op de site van de uitgever. Vaak kun je via zoekmachines op internet ook veel informatie vinden over het boek of de schrijver. Hanneke de Zoete is de schrijver van de boeken over de Zoete Zusjes, op deze pagina vind je informatie over haar. Sommige boeken hebben plaatjes, ook wel illustraties genoemd. Vergeet niet om ook wat informatie over de illustrator te zoeken. Iris Boter maakt de tekeningen bij de verhalen van de Zoete Zusjes. Meer informatie over Iris vind je hier.
  • Wanneer is het boek verschenen?
    Voor- of achterin het boek vind je meestal meer informatie over het boek. Vaak zie je dit teken © met een jaartal erachter. Dat is het jaar waarin het boek verscheen. Is het oud? En zo ja? Merk je dat aan het boek? Waaraan? Vertel hierover in je boekbespreking.
  • Is het vertaald?
    Sommige boeken zijn vertaald. Roald Dahl schreef bijvoorbeeld in het Engels. Een vertaler maakt daar een Nederlands verhaal van. Meestal staat er dan: ‘oorspronkelijke titel’ met daarachter de titel in de taal waarin het werd geschreven. Soms zie je ook de naam van de vertaler staan. Kan je merken dat het boek vertaald is? Waaraan merk je dat?
  • Is het een serie of een los boek?
    Het is belangrijk voor een boekbespreking om te weten of het boek onderdeel is van een reeks boeken. Meestal kun je in het boek wel zien of er meerdere delen van zijn. Kijk daarom altijd even op de eerste of laatste bladzijde.
  • Om welk deel gaat het? Heb je zelf meerdere delen gelezen? En kun je de boeken los van elkaar lezen?

Tip 4: Vertel waar het boek over gaat

Vertel kort waar het boek over gaat. Probeer niet te verklappen hoe het afloopt, want dan is het voor je klasgenoten niet meer spannend.

Hoofdpersonen en personages
De hoofdpersoon is de belangrijkste persoon uit het boek. Soms zijn er meerdere hoofdpersonen, maar meestal is er een waar je het meest over leest. Vertel tijdens je boekbespreking wat over de personen uit het boek. Hoe zien ze eruit? Hoe gedragen ze zich? En zou jij vrienden met ze kunnen zijn? Waarom wel of niet? Herken je je in sommige personen? Wie lijkt er op jou? Wie totaal niet? Zou jij de dingen anders doen dan de hoofdpersoon in je boek?
Waargebeurd?
Is het verhaal waargebeurd? Of zou het waargebeurd kunnen zijn?

Tip 5: Vertel wat je van het boek vindt

Een boekbespreking is natuurlijk niet compleet zonder jouw mening. Probeer meer te zeggen dan: ‘Ik vond het leuk.’ Vertel waarom je het zo leuk vond.

  • Was het spannend?
  • Was het grappig?
  • Werd je er vrolijk van of juist verdrietig?
  • Leerde je er wat van?
  • Kon je alles zo voor je zien? Voelde het of je er zelf bij was?
  • Las je het in een keer uit?
  • Vond je het jammer dat het uit was?
  • Zouden anderen het moeten lezen?
  • Wat vind je van de illustraties? Passen ze goed bij het verhaal?
  • En de voorkant: Geeft dat een goede indruk van het boek? Past de titel goed bij het verhaal?

Tip 6: Kies een goed fragment voor je boekbespreking

Meestal moet je tijdens je boekbespreking ook een stukje voorlezen. Je kiest dan een fragment, een kort stukje dat mooi afgerond is. Neem liever een stuk uit de eerste helft van het boek. Anders verklap je misschien hoe het afloopt.
Kies een stuk dat je zelf grappig of spannend of bijzonder vond. Vertel voor je gaat lezen even wat er aan het stuk vooraf ging, zodat iedereen weet waar het over gaat. Oefen het voorlezen een paar keer thuis.

Tip 7: Verzamel filmpjes en plaatjes voor je boekbespreking

Met een filmpje, plaatjes en leuk uitdeelmateriaal breng je je boekbespreking tot leven. Je kunt dit filmpje dit filmpje over het maken van een tekening voor de Zoete Zusjes laten zien en natuurlijk zijn er nog heel veel filmpjes van De Zoete Zusjes op YouTube te vinden.

Hier vind je leuke plaatjes, kleurplaat en poster om te gebruiken of uit te delen in de klas!

Tip 8: maak een leuke quiz voor je klas

Hebben de kinderen goed opgelet? Je kunt aan het eind van je spreekbeurt een grappige quiz doen om te kijken of iedereen wel goed geluisterd heeft. Vraag bij de uitgever om een leuke boekenlegger of poster als prijs voor de winnaar!

Tip 9: Oefen de boekbespreking goed

Oefen je boekbespreking thuis eerst voor de spiegel. Daarna doe je het nog een keer voor je vader of moeder of voor een broertje of zusjes. Het helpt echt om je verhaal van te voren een paar keer hardop te vertellen. Hierdoor kun je het beter onthouden en leer je sneller.

Veel succes met je boekbespreking!


zonnetje

Onze nieuwste boeken